door Gekkie25 » wo mei 22, 2013 11:00 pm
Het ongeluk
Een enorm harde knal, Whiplash. Daar rij je dan op je gemakje richting huis. De auto, een volledig opgeknapte MG TF 135, de zeldzame anniversary edition waar er maar 1500 van zijn gemaakt. De nieuwe muziek van Yellow Claw klinkt uit mijn speakers. Voor een rotonde geef ik netjes richting aan naar links, ik moet driekwart de rotonde over. Ik ben op ongeveer de helft als er ineens in tegengestelde richting een zwarte schim op me afkomt. Ik trap vol op mijn rem maar het is al te laat. Een enorm klap, ik krijg een enorme schok en hang in mijn gordel. Ik kijk door mijn voorruit en zie iemand op de grond liggen. Ik stap geschrokken uit en vraag hoe het met degene op de grond gaat. Hij springt gelijk op en legt de scooter, een zwarte Kymco, gelijk op de stoep naast de rotonde. In No-time staan er ineens veertig Marokkaanse jongeren bij de rotonde. Ze kwamen, na het horen van de klap, aangesneld van het nabij gelegen sportveldje. Ik pak mijn Iphone erbij en noteer snel de blauwe nummerplaat in mijn notities. Ik loop snel even terug naar mijn auto en zet de waarschuwingslichten aan. De auto laat ik verder staan en ik pak uit mijn dashboardkastje het schadeformulier. Er staat met grote letters op: ‘Bij schade, bel het schadenummer’. Ik vraag allereerst zijn naam en nummer, mocht de jongen er ineens vandoor gaan heb ik dit in ieder geval. Hij snelt snel terug naar de groep die bij de rotonde staat en komt hierna met een nummer terug. Ik pak mijn telefoon en bel eerst de verzekering op om de schademelding te maken. Het wordt genoteerd maar meer kan er niet gedaan worden want het kantoor is gesloten. Inmiddels zie ik vanuit mijn ooghoeken dat de Marokkaan druk in de weer is met zijn vriendjes en dat er nog geen letter op het schadeformulier staat. De scooter is inmiddels verdwenen. Een vriend van de jongen is er mee weggevlucht. Zo slim dat ik was heb ik gelukkig wel het nummerbord in mijn telefoon staan. Ik vraag aan die jongen of hij nog van plan is iets te gaan invullen. Hij zegt van wel en hij verdwijnt weer tussen de rest van de groep. Ik bel mijn vader even op. Mijn auto staat nog steeds midden op de rotonde alleen heeft nog niemand de politie gebeld. Mijn vader zegt aan de telefoon dat ik dat moet doen, ik zeg dat hij het beter kan doen omdat de sfeer nogal dreigend is en ik nogal in de minderheid ben. Het schadeformulier wordt heen en weer gegeven in de grote groep, de jongen kon blijkbaar niet zelf nadenken. Even later arriveert er een busje van de politie. Ze rijden om mijn auto heen die nog steeds midden op de weg staat. Ik ren naar het busje en gebaar de agenten uit te stappen om te komen helpen. Eindelijk gered was dan ook mijn eerste gedachte. Nog nooit was ik zo blij om politie te zien. Er werd meteen gevraagd wat er aan de hand was en ik leg uit dat de jongen met volle snelheid tegen de richting van de rotonde in reed en hierbij frontaal op mijn auto botste. De politie vraagt de jongen om zijn rijbewijs waarop hij agressief wordt en zijn telefoon kapot smijt op de grond. “Geen politie had ik nog gezegd, ik heb al genoeg problemen”, roept de spookrijder. De politie vraagt om het schade formulier en nog voor ik het aan de twee agenten kan geven scheurt de jongen het kapot. Één van de agenten pakt de snippers en vergelijkt de naam die op het formulier staat met de naam op het rijbewijs. Valse naam. “Zo gaan we er niet uitkomen”, zegt de agent en de jongen moet mee. Ik moet achter het politiebusje aanrijden, ook mee naar het bureau. Om de hoek van een nabijgelegen straat zie ik nog een politiebusje. Deze agenten rijden achter mij aan, toch wel een speciaal gevoel, een soort van escorte. Op het bureau aangekomen rijden de busjes het terrein van het bureau op. Ik moet mijn auto op een parkeerplaats bij het terrein zetten. Een motoragent zegt nog: “He die ken ik nog wel, paar maanden terug gepakt voor rijden zonder rijbewijs.” Ik moest een verhoorkamer in, hij moest naar een andere. Er wordt me gevraagd hoe en wat er precies is gebeurd en of ik dit als een verklaring zijnde wil tekenen. Dat zeker alles om deze eikel te straffen. Uiteindelijk met al het gedoe eromheen staat de dader, want dat is het gewoon, eerder buiten dan ik.